Negatief denken. We doen het vaker dan positief denken. Sterker nog, we hebben het onszelf aangeleerd. Terwijl positieve gedachten ons gelukkiger, succesvoller, socialer, vrolijker én mooier maken. Tijd dus om die negatieve denkbeelden die regelmatig stiekem toch in ons hoofd rondzweven weg te sturen. Dat is namelijk helemaal niet zo moeilijk.

Onderzoek wijst uit dat zeventig procent van alle gedachten die we dagelijks hebben negatief of alarmerend zijn. Jammer, want alles wat we denken slaat direct terug op hoe we ons voelen. Je dénkt met angst ergens aan… je voélt je ook angstig. Je hoofd denkt verdriet, je voelt verdriet in je lijf. Niet alleen vervelend op het moment zelf, op de lange termijn kan dit zelfs vervelende psychische en lichamelijke klachten veroorzaken.

We zijn negatief gaan denken uit bescherming: dan kan het alleen maar meevallen. En door een gebrek aan zelfvertrouwen: ik ben niet goed genoeg. Oefening baart kunst en daardoor hebben we onszelf aangeleerd om eerder negatief te denken dan positief. Gelukkig kunnen we onze negatieve hersenkronkels daarom ook weer vrij makkelijk omwisselen voor positieve: gewoon doen! Onze problemen worden er niet altijd mee opgelost, maar het maakt ze wel een stuk minder zwaar waardoor we er beter mee om kunnen gaan. En door negatieve gedachten te vervangen door positieve wordt ons leven in de basis gewoon veel leuker.

Hoe? Zo!

  • Positief denken begint met het gewoon te besluiten. ‘Ik reageer vanaf nu op alles zoveel mogelijk positief.’ Denk je per ongeluk toch (nog) negatief? Roep jezelf dan tot de orde en stop ermee. Focus je desnoods op iets anders.
  • Iedere negatieve gebeurtenis heeft een positieve, ook al is deze soms ver te zoeken. Train jezelf er daarom in om deze toch altijd te vinden. Dit helpt je relativeren. Het is niet altijd zo slecht als we denken.
  • Probeer niet meer in ‘goed’ of ‘slecht’ te denken. Dit zijn labels die jij er op plakt. Een ander kan het compleet anders zien. Kijk in een vervelende situatie naar de feiten en naar hoe jij daar het beste van kunt maken.
  • Besef dat negatief op iets reageren opgeven betekent. Je stelt je er niet meer voor open om er iets aan te doen en dat is zonde. Er zijn namelijk vaak wel oplossingen en deze nastreven geeft je uiteindelijk een veel beter gevoel.
  • Bespreek je issues met anderen. Niet om te zwelgen, maar om op te krabbelen. Vertel je vertrouwenspersoon dat je vaker positief wil denken en vraag hem of haar je daar bij te helpen.
  • Inspireer. Help anderen in het omdenken. Hoe meer positiviteit we om ons heen zien, hoe meer we er zelf naar gaan leven.
  • Wees ondanks alles niet té streng voor jezelf. Oftewel: straf jezelf niet als je eens een keer wel negatief denkt of je depressief voelt. Een avondje janken of een middagje schelden om iets wat je dwars zit moet heus kunnen. Sterker nog, dat kan enorm opluchten*. Probeer er echter niet in te blijven hangen en zoek naar een oplossing. This too shall pass. Echt waar!

* Volgende week meer over het nut van negatieve gedachten. Ja, je leest het goed: het NUT. 😉