Energie, een leven lang. Vanaf het moment dat je benen vanzelf gaan tot je ze piepend op gang moet brengen. Maar in oorsprong bijna altijd hetzelfde. Vanuit kinderlijk enthousiasme opnieuw je voeten laten trappelen van blijdschap en zin.

 

Energie, wat is het eigenlijk? Als je jong bent is het zin, het enthousiasme van een moment of het uitkijken naar iets. Dan herken je energie en zin gemakkelijk, omdat je benen vanzelf beginnen te rennen en je handen zich vrolijk tegen elkaar aan klappen. Als je jong bent ken je vaak geen vermoeidheid. Verlang je alleen naar laat opblijven en nooit naar je bed. Wordt je honger naar iets lekkers aangewakkerd door het lekkers zelf, en niet door het hongergevoel. Kun je energiek raken terwijl je op je tandvlees loopt, gewoon omdat de sky the limit nog is. Je niet beperkt wordt door het dagelijks leven en nog geen agenda hebt bij te houden. Als je jong bent heb je enkel een gymtas, een sporttas en een tas met talloze knuffelberen.

 

Snoozen

En later, wanneer de eerste agenda je schooltas inglijdt en je uitvindt dat je een wekker snoozen kunt, is energie iets dat je steeds vaker begint te ontbreken. Echter, je mag van jezelf nog steeds urenlang gamen en luieren, lanterfantend en grasduinend op je sokken door de woonkamer gaan. Door je spulletjes snuffelen en wegdromen achter je bureautje. En ergens in een laatje van datzelfde bureautje ligt altijd nog wel een stukkie energie, of anders trek je op school wel een kortstondig energiek moment uit de chocolade-automaat. Kortom, als je jong bent is energie een stroom die moeiteloos op gang komt. Je weet heel primair waar je zin in hebt en wat je opzweept. En als je het niet zelf weet, dan weet je lichaam het wel. Omdat je ineens met je voeten onder de eettafel trappelt of je wangen rood kleuren van opwinding.

 

‘Zij wél’

Wanneer je je iets later bewust wordt van de uren in een dag, begint het grote indelen. En met de komst van een carrière en/of gezinsleven komt ook het chronische gebrek aan rust. En even later het besef dat je energie uit ontspanning zult moeten gaan halen en niet altijd uit rust. Want elke nacht zal te kort zijn. De telefoon op je nachtkastje staart je elke ochtend plagerig aan, ‘zij wél’, denk je afgunstig starend naar haar 100 procenten. En jij, jij stapt uit bed als een bejaarde. Krakend en piepend. Echter, wanneer je die rustige glimlach bereikt, vanachter die dampende kop thee, dan weet je dat dat het moment is waarop je door kunt. Dat is energie halen uit ontspanning en overzicht.

 

Een doel hebben

Natuurlijk, je moet ook genoeg rusten om je energiek te voelen. Maar lang niet elke gepensioneerde is energiek. Want energie is een doel hebben, ergens voor op willen staan, hoe krakend en piepend dat soms ook gaat. Zin hebben en er voor willen gaan. Het kind in jezelf blijven zien, het kind dat nog enkel een biologisch klokje heeft dat zegt dat het vandaag een fijne dag zal worden. Waardoor je bejaarde benen willen rennen en je glimlach piepend in de plooi komt. Energie komt niet voort uit de mate van rust die je gehad hebt. Het is een combinatie van zin, enthousiasme en het hebben van een doel. Iets dat je als kind alleen primair ervaart, maar dat met het groter groeien een bewustwording doormaakt en waar je steeds zorgvuldiger mee om zult springen.

 

Liefde

En weet je het nog? Hoe je nachtenlang in elkaars’ armen lag? Elkaar aankeek en oeverloos sprak over vroeger en nu en alles daartussenin? En dat het niet uitmaakte dat de wekker zei dat het 04.30uur was. Je enkel dacht; ‘Mooi, dan hebben we nog 2,5 uur.’ Liefde is energie. En energie is altijd positief. En weet je, als je een beetje over hebt? Geef het dan ook eens aan een ander. Je zult zien dat je daar nog meer energie voor terugkrijgt. Let maar op.

 

Je mag

Welterusten lieverd, je mag, ik blijf nog wel even op voor ons tweeën.